Tattoo

Rond mijn 16e wist ik het ergens al: ik zou ooit een tatoeage hebben. Waar ik die gedachte op baseerde, wist ik niet. Het permanente van een tatoeage trok mij namelijk totaal niet aan. Ik kon echt niks bedenken wat ik de rest van mijn leven in inkt op mijn huid zou willen hebben.

Naarmate ik ouder werd, kwam de gedachte af en toe nog wel eens terug: er komt een tattoo op jouw huid. Heel raar. Want nog steeds kon ik niks bedenken wat ik mooi genoeg zou vinden. En ik vind tatoeages op zich niet lelijk, en bij andere mensen zelfs heel mooi. Alleen bij mezelf, tja. Nee.

Een paar jaar geleden, op vakantie in Gran Canaria, kreeg ik voor de grap een plaatje op de achterkant van mijn schouder geplakt. Zo’n nep tatoeage die vroeger bij de kauwgom zat. Een bloemetje. Erg mooi. Maar ook wel fijn dat hij niet langer dan een paar weken bleef zitten. Toen was ik het wel weer zat. Zie je nou wel? zei ik tegen de gedachte. Een tattoo is niks voor mij.

Jawel zei de gedachte terug. Eens ga je een tattoo nemen. 

Continue reading Tattoo

Advertisements

De kamer met de altijd dichte deur

Er is een kamer in het huis waarvan de deur tegenwoordig altijd dicht is. In het huis is op het eerste gezicht tegenwoordig geen fysiek bewijs meer te vinden van dat ik ooit getrouwd ben geweest. Oké, op zijn account op de Playstation 4 en een verdwaalde brief van een pensioenfonds over onze scheiding na dan. Het laat zich niet moeilijk raden waar de overige fysieke memento’s zijn gebleven.

De kamer was nooit echt in gebruik en is uiteindelijk getransformeerd tot een soort rommelhok. In de aanloop naar de scheiding heeft X er ooit een keer een halve middag besteed in een poging orde op zaken te stellen. Hij raakte toen zo overspoeld door alle herinneringen die werden getriggerd door diverse spullen dat hij naar eigen zeggen de hele tijd heeft gehuild. Hij heeft ze dan ook bij mij gelaten in de scheiding. Aan mij dus de nobele taak om de laatste tastbare herinneringen aan een relatie van 11 jaar te preserveren en gaaf te houden. Maar ook voor mij, de bikkel van ons tweetjes, is het een stap-voor-stap proces.

Continue reading De kamer met de altijd dichte deur

Wennen

Waar ik het meest aan moest wennen toen X en ik uit elkaar gingen, was alleen zijn. Vanaf mijn 18e was ik zelden tot nooit alleen. Met huisgenoten tijdens mijn studie en X na mijn studie, was het misschien hooguit een dag of twee per keer die ik in mijn eentje moest vullen.

In het begin vond ik het vreselijk. Ik heb mezelf min of meer gedwongen om helemaal in de eenzaamheid te duiken, want ik moest er vroeg of laat toch wel aan geloven. Dus maar zo vroeg mogelijk. En zo kwam het dat ik avonden en weekenden alleen met mijn ziel onder mijn arm door het huis sukkelde. In tranen, of compleet apathisch. Als ik terugkijk op die periode, moet ik wel een beetje gniffelen om hoe dramatisch ik bezig was, maar ik herinner me heus wel dat ik het echt heel tragisch vond. Het voelde als cold turkey afkicken. Geen menselijk kacheltje naast me in bed, niemand om mijn ei te pas en te onpas bij te dumpen. Mijn eerste gesprek van de dag pas hebben als ik op werk aankom.

Langzaam ging ik beseffen dat er ook wel wat voordelen zitten aan alleen zijn. Mijn favoriete muziek lekker hard aanzetten. Alles in mijn eigen ritme doen. Opruimen als ik daar zin in heb.

Continue reading Wennen

Go for it

“Omg gaan we dit echt doen? 😃😃” app ik naar mijn broertje.

“Ja tuurlijk” appt hij terug.

Het begon een uur geleden met een gifje dat ik voor hem heb gemaakt van onze reis naar Taiwan jaren geleden, omdat hij daar nu op werkreis is. Daarna spreek ik de wens naar hem uit om nog een keer terug te willen gaan. Vervolgens gooit hij een serieuze uitnodiging naar mij toe om zo snel mogelijk een vlucht te boeken nu hij nog daar is. In oktober. Als in: deze maand nog.

Snel schakelen. Oriënteren, zou het mogelijk zijn? Het blijkt mogelijk. Vakantiedagen zat, want ik ben nog helemaal niet weg geweest. Iedereen op werk reageert enthousiast. Geen visum nodig. Mijn paspoort voldoet nog aan de eisen. Ik vind een vlucht voor een leuke prijs, bij een maatschappij waar je nota bene ook nog van tevoren kan aangeven dat je een vegetarische maaltijd wil hebben.

En dan blijkt er nog maar één ding af te strepen: opvang voor mijn konijntjes. Maar ook dat vindt zijn weg. Bij mijn moeder. Die mij helemaal blij opbelt.

“Je gaat weer reisjes plannen! Het gaat weer echt goed met je.”

“Het gaat gewoon nog gebeuren ook hey 🤣”app ik naar hem.

“Ja tuurlijk”
“Is toch makkelijk”
“Alleen maar ticket regelen”
krijg ik terug.

Als ik een dag later in de paskamer van de winkel sta om nog wat lange sportbroeken te passen, komen mijn boekingsbevestiging en het e-ticket binnen. Hoewel ik wel blij een paar keer op en neer spring, dringt het nog niet helemaal door. Het besef komt pas binnen als ik een uur later in de outdoor-zaak mijn nieuwe wandelschoenen uittest en ondertussen bij de Northface-afdeling een regenjas uitzoek die wel tegen een stootje kan. Voor de hikes die ik daar wil maken.

Een vlucht geboekt voor 1 persoon. Voor het eerst in mijn leven. Spontaan. Echt gedaan.

Vlinders.

Continue reading Go for it

Twix

Toen X bijna drie maanden het huis uit was, kreeg ik een bericht van iets waar ik al een tijdje mee bezig was: de konijnenopvang vlakbij mijn huis deelde me mee dat ik een koppel konijntjes mocht adopteren. Het zit namelijk zo: konijnen zijn eigenlijk heel verkeerd begrepen huisdieren. Ze zien er schattig en knuffelbaar uit. En doordat ze zo klein zijn, denken mensen ook dat ze low maintenance zijn en ‘gezellig’ de hele dag in een hokje mogen zitten. Het valt allemaal vies tegen. Konijnen houden doorgaans niet zo van knuffelen en opgepakt worden. Het zijn namelijk prooidieren en hun instinct denkt nog steeds dat ze worden opgepakt door een roofvogel als hun pootjes van de grond gaan. Daarnaast hebben konijnen ontzettend veel beweging nodig. En ook moeten konijnen met een maatje zijn. De hele dag alleen in een hok zitten is rampzalig voor ze. Het gevolg: veel mensen gooien de handdoek in de ring en daardoor ontstaan overvolle konijnen asiels. Omdat ik dat zo zielig vond en ik toch best een grote achtertuin heb, bedacht ik me dat ik best wel twee konijntjes onder mijn hoede kon nemen. Ik had als kind zijnde ook een konijntje gehad (ook al kreeg dat konijn heel veel vrijheid, met de wetenschap van nu weten we dat konijnen altijd een maatje nodig hebben en niet alleen gehouden mogen worden) en die was bijna 10 geworden. Ik had er dus wel vertrouwen in dat ik dit moest kunnen doen.

Continue reading Twix